Met rechte buizen alleen kun je geen complete installatie bouwen. Je moet bochten maken, splitsingen maken of buizen verlengen. Daarvoor gebruiken we fittingen. Een fitting is een koppelstuk dat buizen met elkaar verbindt. Omdat hier de meeste lekkages ontstaan, is het correct monteren van fittingen het belangrijkste werk van de installateur.
2
Blok 2 β Bochten, sokken en T-stukken
Er zijn veel verschillende soorten fittingen. Met een knie of bocht verander je de richting van de buis. Met een rechte sok verbind je twee buizen aan elkaar om ze te verlengen. En met een T-stuk maak je een aftakking, zodat het water of gas twee kanten op kan stromen.
3
Blok 3 β Verloophulzen gebruiken
Soms moet je een dikke hoofdleiding verbinden met een dunnere buis die naar een kraan toe loopt. Hiervoor gebruik je een verloopfitting of verloopsok. Deze fitting heeft aan de ene kant een grote opening en aan de andere kant een kleine opening, zodat de overgang perfect en zonder lekkage verloopt.
4
Blok 4 β Waarom is afdichting nodig?
Schroefdraad of koppelstukken sluiten van zichzelf nooit 100% waterdicht of gasdicht af. Er blijven altijd microscopisch kleine openingen tussen de metalen of kunststof delen bestaan. Als er druk op de leiding komt te staan, spuit het water er direct tussendoor. Daarom moeten we altijd afdichtingsmaterialen gebruiken.
5
Blok 5 β Teflontape voor schroefdraad
Bij metalen of kunststof schroefdraadverbindingen gebruiken we veel teflontape. Je wikkelt deze dunne, witte tape altijd met de richting van de schroefdraad mee (met de klok mee) strak om de buis. Als je de fitting er daarna op draait, perst de tape zich samen en vult het alle openingen perfect op.
6
Blok 6 β Vloeibare pakking en rubberen ringen
Voor zware schroefverbindingen of specifieke fittingen gebruiken we vloeibare pakking (fitterskit) of rubberen ringen, ook wel O-ringen genoemd. Een rubberen O-ring zit vaak in een speciale groef in de fitting. Bij het aandraaien wordt het rubber platgedrukt, wat zorgt voor een ijzersterke en waterdichte barrière.
7
Blok 7 β Knel- en persverbindingen onder druk
Om te zorgen dat een verbinding niet losschiet als er hoge waterdruk op komt, gebruiken we knel- of perskoppelingen. Bij een knelkoppeling snijdt een metalen ring zich vast in de buis tijdens het aandraaien. Bij een perskoppeling drukt een speciale perstang de fitting mechanisch en onwrikbaar vast om de buis heen.
8
Blok 8 β Samenvatting Module 3
Goed gedaan! Je weet nu dat fittingen zoals bochten, sokken en T-stukken de richting en vertakking van leidingen bepalen. Je begrijpt dat teflontape, vloeibare pakking en O-ringen onmisbaar zijn voor een waterdichte afdichting. Op naar Module 4, waarin we leren over het krimpen, uitzetten en gereedschapsonderhoud!
Materiaalkennis voor de Installateur β Module 3: Fittingen en Afdichtingsmaterialen. Deze pagina gebruikt de ingebouwde spraakfunctie van de browser.