Rek Module 6 – Lengtematen

Meten en rekenen met millimeters, centimeters en meters.

← Terug naar overzicht

Blok 1 – Waarom zijn lengtematen belangrijk?

Illustratie bij Blok 1 – Waarom zijn lengtematen belangrijk?

In de techniek draait veel om afmetingen. Je meet bijvoorbeeld een muur, een kabel, een buis, een plank of een ruimte. Als je verkeerd meet, kan een onderdeel niet passen. Daarom moet iedere technicus goed kunnen omgaan met lengtematen.

💡 Goed meten is de basis van goed technisch werk.

Blok 2 – De belangrijkste lengtematen

Illustratie bij Blok 2 – De belangrijkste lengtematen

In de techniek gebruiken we vooral millimeter, centimeter en meter. Soms kom je ook kilometers tegen, maar veel minder vaak. Een schroef is bijvoorbeeld 50 millimeter lang. Een tegel is 30 centimeter breed. Een kabel is 10 meter lang.

💡 Je moet weten welke maat het beste bij een situatie past.

Blok 3 – Wat is een millimeter?

Illustratie bij Blok 3 – Wat is een millimeter?

Een millimeter is een heel kleine maat. De afkorting is mm. Je gebruikt millimeters bijvoorbeeld voor de dikte van een plaat, de diameter van een boor of de dikte van een kabel. Een millimeter is één duizendste van een meter.

💡 Voor kleine afmetingen gebruik je meestal millimeters.

Blok 4 – Wat is een centimeter?

Illustratie bij Blok 4 – Wat is een centimeter?

Een centimeter wordt afgekort als cm. Eén centimeter bestaat uit 10 millimeter. Dus: 1 centimeter is 10 millimeter. Voorbeelden zijn een tegel van 20 centimeter, een plank van 15 centimeter breed en een buis van 5 centimeter diameter.

💡 Centimeters gebruik je voor middelgrote afmetingen.

Blok 5 – Wat is een meter?

Illustratie bij Blok 5 – Wat is een meter?

Een meter wordt afgekort als m. Eén meter bestaat uit 100 centimeter of 1000 millimeter. Voorbeelden zijn een deur van 2 meter hoog, een kabel van 15 meter en een ruimte van 5 meter breed.

💡 Meters gebruik je voor grotere afstanden en afmetingen.

Blok 6 – Omrekenen van meter naar centimeter

Illustratie bij Blok 6 – Omrekenen van meter naar centimeter

Eén meter is 100 centimeter. Dus 2 meter is 200 centimeter, 3 meter is 300 centimeter en 5 meter is 500 centimeter. Je vermenigvuldigt met 100.

💡 Op tekeningen moet je vaak omrekenen tussen meters en centimeters.

Blok 7 – Omrekenen van centimeter naar meter

Illustratie bij Blok 7 – Omrekenen van centimeter naar meter

100 centimeter is 1 meter. Dus 150 centimeter is 1,5 meter, 250 centimeter is 2,5 meter en 75 centimeter is 0,75 meter. Je deelt door 100.

💡 Je moet beide richtingen kunnen omrekenen.

Blok 8 – Omrekenen van centimeter naar millimeter

Illustratie bij Blok 8 – Omrekenen van centimeter naar millimeter

Eén centimeter is 10 millimeter. Dus 5 centimeter is 50 millimeter, 10 centimeter is 100 millimeter en 25 centimeter is 250 millimeter. Je vermenigvuldigt met 10.

💡 Veel technische tekeningen gebruiken millimeters.

Blok 9 – Praktijkvoorbeeld

Illustratie bij Blok 9 – Praktijkvoorbeeld

Een installateur moet een buis plaatsen. De lengte is 250 centimeter. Hoeveel meter is dat? 250 gedeeld door 100 is 2,5 meter. De installateur bestelt dus een buis van minimaal 2,5 meter.

💡 Omrekenen helpt om materialen correct te bestellen.

Blok 10 – Samenvatting

Illustratie bij Blok 10 – Samenvatting

In deze module heb je geleerd: mm betekent millimeter, cm betekent centimeter en m betekent meter. 1 centimeter is 10 millimeter. 1 meter is 100 centimeter. 1 meter is 1000 millimeter.

💡 Je kunt nu de belangrijkste lengtematen gebruiken en omrekenen.

Korte toets

Kies per vraag het juiste antwoord.

Vraag 1. Hoeveel millimeter is 1 centimeter?
Vraag 2. Hoeveel centimeter is 1 meter?
Vraag 3. Hoeveel meter is 250 centimeter?
Vraag 4. Hoeveel millimeter is 15 centimeter?
Vraag 5. Welke maat gebruik je meestal voor de lengte van een kabel in een woning?